vrijdag 11 april 2025

Readymade, dokumentatie Lucebert



Ik had, via boekwinkeltjes, een uitgave van Lucebert besteld. De verzamelde gedichten (en varianten en dokumentatie) uit 1974. Twee banden in een cassette, een foedraal.

De gedichten van Lucebert, die ken ik wel, ik heb zijn verzamelde gedichten, maar het ging mij om de dokumentatie. De tekeningen, de variaties de aantekeningen – de interessante teksten en tekeningen.

Enfin, ik heb een prettige middag gehad met deze uitgave, de bezorgers van deze uitgave gingen tot het detail.

Op bladzijde 622 vond ik hier een gedicht, een readymade.

 114 VIII nocturne

In de afgedrukte tekst is een zetfout uit b1/2 hersteld

opus  18 luidkeels op te roepen
                     opte
ep   b 1, p. 43-44. Met de zetfout.
b2  p. 43-44. Met de zetfout.
t3    p 45 – 46. Zonder de zetfout.
vb   p. 124-125. Zonder de zetfout

.

donderdag 10 april 2025

Bouwdoos van Han van der Vegt – Probate poëzie

 

  
De dichtbundel 'Bouwdoos’ van Han van der Vegt ligt hier voor me, en ik heb hem uit. Dat wil zeggen: ik heb de bundel één keer van voor naar achter gelezen. Omdat ik benieuwd was wat erin staat. Maar Zo gaat het meestal niet met dichtbundels bij mij. Dichtbundels worden hier zomaar ergens opengeslagen, en dan wordt erin gelezen. Soms van achter naar voor. Dat kan bij dichtbundels. En dat kan, denk ik, ook wel bij Bouwdoos van Han van der Vegt, die ik niet kende. Terwijl hij toch wel al eerder 6 (z e s) dichtbundels had geschreven. En een roman. En ook nog een keer drie kinderboeken. Maar nu dus Bouwdoos, waarmee hij gelijk kandidaat is voor de Grote Poëzie Prijs, toe maar, spannend.

 En ik moet zeggen, ik heb me erg vermaakt, ook al is dat misschien niet het goede woord, met deze bundel. Het begint al bij de voorkant. Die is erg aantrekkelijk vormgegeven, heel anders dan de doorsnee saaie dichtbundel. Hier staat een tekening van een energiecentrale, gemaakt door Antonia Sant Élia, in 1914. En het Futurisme was Antonio niet onbekend. Het is een schets, de hulplijntjes staan er nog, de stad van de toekomst was nog in de ontwerpfase.

Maar, wacht ’s even, futurisme, dan is fascisme en totalitaire staat niet ver weg?Tsja, je kunt er het heden helemaal bij betrekken.

En het tweede dat de bundel onderscheidt van de rest is dat het een dwarsligger is. Dat wil zeggen: de lezer moet de bundel een kwartslag kantelen, en dan kan er gelezen worden. Eigenlijk wel handig voor de dichter: dan kun je langere zinnen maken.

Wat is Bouwdoos voor een bundel? Verwacht geen klassieke bundel. Verwacht geen romantiek. Verwacht geen optimisme. Als je die verwachtingen allemaal achterwege laat, kun je een heel aardige dichtbundel in handen hebben. O ja, en gelachen kan er eigenlijk ook niet, nou ja, op een enkel keertje na. En er is geen goede afloop, of zicht daarop.

Het gedicht De toekomst toegewend, begint met:

Dit is onze stad, het einde van de vloed
De straten droog staan
De huizen pal staan
Ons leven zin heeft
Het noodlot altijd zijn broek aanhoudt
We de iriserende olie op de golven parelmoer noemen
De straten geen herinneringen hoeden aan onze afgedreven levens
Je niets te zoeken hebt als je het niet hebt meegebracht
We ’s ochtends de algen van de ramen schrapen om er brood van te bakken
De vloedmeesters vanaf de dijk toezien hoe de torens van de westelijke steden scheefzakken
Het water is niet onze vijand

 (en voor elke bovenstaande zin staat dus, in de bundel, het woord ‘waar)

De bundel is nogal dystopisch van karakter en beeld. Het tweede gedicht in de bundel heet Minke en Fam hebben een startup. Nou zou ik Minke en Fam uit mijn buurt houden, niet mijn types, met hun bedrijf in maakbare persoonlijkheden, maar wat een leuk gedicht is dit, het gaat maar door, bladzijden lang. En het wordt steeds ongemakkelijker en grimmiger.

En dan hebben we gedichten Datapokken en De liefde van de Netwerkstad. Dat geeft vast al wel iets weg over de visie en de inhoud. Het ademt dreigende, (wat broedt uw baarmoeder tegen u uit?) intimiderende, manipulerende, propaganda en controle: de datapokken zuigen al uw angsten op, ‘s nachts licht de display op voor tussentijdse controle.

·    De datapokken kiezen zelf voor hun waarnemingen meest geschikte positie
De datapokken onderhouden zelfstandig het contact met uw overheid
De datapokken hebben geen externe energiebron nodig
De datapokken gebruiken slechts een geringe hoeveelheid van uw hersencapaciteit
D
e datapokken brengen u in contact met mensen met een vergelijkbaar metabolisme
D
e datapokken zijn gewilde assecoire.
(Datapokken, doodeng, als je het mij vraagt.) 

Vergeet niet niet de vrijgekomen datapokken in te leveren bij uw overheid. brrrr.
Dit gaat wel iets verder dan een smartwatch.

In het gedicht De Netwerkstad, stuit ik op melismerende bogen. Nee, geen idee wat dat zijn en hoe die eruitzien. Maar het beste is om gewoon mee te gaan in dit gedicht, en dat melismeert ook bladzijden lang door, zonder te vervelen. (Maar vraag me niet waar het precies over gaat).

 Uit het gedicht : Vlees op de weg, noteer ik:

 het enige wat wij hoeven vlezen
                    is het vlees zelf

De neiging om te citeren uit deze bundel is groot, er staan overal zulke pakkende fragmenten, ik zou haast zeggen, lees die bundel. Hij is de moeite waard.

 De bundel Bouwdoos eindigt met de belofte, de dreiging, de voorspelling:

alles kan beginnen.

dinsdag 8 april 2025

Het Schaakspel, of portret van de zussen van de kunstenaar, Sofonisba Anguissola, die schaken


Onlangs (nou, onlangs, het was 4 maart, dat noemen wij geen ‘onlangs’ meer red.) las ik in Trouw de wekelijkse rubriek van kunsthistoricus Joke de Wolf, Het oog van De Wolf.

Toen behandelde ze een schilderij uit ca. 1555. De aanleiding was het overlijden van Boris Spaski, grootmeester. En Boris Spaski verloor de strijd om het wereldkampioenschap schaken van de Amerikaan Bobby Fischer. Dit alles tegen het decor van de koude oorlog, 1972.

Van het duel tussen Spaski en Fischer was het een kleine stap naar schakende vrouwen, de zussen Polgár die in de jaren negentig iedereen van het bord speelden. Maar veel vroeger werd er ook geschaakt door vrouwen. Onder andere door de zussen Anguissola. Op het schilderij zitten ze alle drie aan het bord. (De dame rechts met het witte kapje, is hun gouvernante).

Het is een leuk en gezellig schilderij, maar er viel mij alleen één ding op: het schaakbord staat verkeerd.  Als het bord voor je ligt, moet het veld in de linker onder hoek zwart zijn (ook in de 16de eeuw), en dat is hier niet het geval. Hoe kan het dat dit de speelsters, de schilder en ook Joke de Wolf niet opgevallen is?

Of zou het een grapje van de zussen Anguissola zijn geweest? Je hoort het ze denken, terwijl ze hun gegrinnik proberen in te houden, en vergeefs proberen te doen alsof er niets aan de hand is: het bord ligt verkeeheerd, kijk dan.

zondag 6 april 2025

Export van duinen

                          

Als ik zie dat het vrachtschip Confianza (aangemeerd in de eerste havenarm, Deventer), twee duinenrijen vervoert, dan begin ik me toch wel wat zorgen te maken over de veiligheid, qua klimaat en zeespiegelstijging, van het land. 

Foto's: Maria Willems

zaterdag 5 april 2025

Kunst kijken bij Burnside Skatepark, Deventer

 


We gingen kunst kijken. Ik had een flyer zien liggen van een Art installation by
Bambí Benkö. En die was in Skatepark Burnside. En we gingen dus naar Skatepark Burnside, aan de Sint Olafstraat 6 in Deventer. En bij kunst kijken, denk je aan statige gebouwen met daarin rustige zalen met witgeverfde muren, waar het licht zacht gefilterd op de kunstwerken schijnt, waar de bezoekers oud, grijs, kaal en slecht ter been zijn, en waar je alleen een kuchje hoort en wat geschuifel. En je moet natuurlijk entree betalen, 10 euro ben je zo kwijt, als je geen Museumkaart hebt.

Maar. We gingen dus naar Burnside, aan de Sint Olafstraat. En die bevindt zich aan de rand van het industrieterrein, aan de eerste havenarm. Een zeer interessant, dynamisch gebied. Een stadsdeel in ontwikkeling, met een hele toekomst voor zich. En wat we vandaag zagen daar, is die toekomst lenig, informeel, acrobatisch, behendig, soepel, soms luidruchtig en een tikje riskant en avontuurlijk, maar ook erg sociaal en gezellig. Maar wat ik wou zeggen, je betaalt dus geen entree, je mag gewoon gratis naar binnen, kunst kijken.

We kwamen dus voor de kunst van Bambí Benkö, daarover zo meteen meer, maar eerst: de skaters. Als je binnenkomt in het Skatepark word je eigenlijk gelijk helemaal overrompeld door de energie die daar in die ruimte rondgaat. Overal wordt geskate. Overal suizen skaters links, recht, boven, beneden. En dan wenden en keren ze weer plotseling, en komen ze terug. En overal liggen hun planken, soms op hun rug, de wieltjes in de lucht, dan weer tegen de muur, naast de inbus-paal. En je moet wel je ogen openhouden in het skatepark, want anders zoeft of duikt er plotseling een skater vlak voor je langs.

En de hal is ook niet geluidloos, vrij ongebruikelijk voor een ruimte waar kunst geëxposeerd wordt: een dreunende beat begeleidt de skaters – de waaghalzen.

Waaghalzen? Ik stond even tussen de skaters, boven op de rand van de ramp, de plek waar je start. En starten is hier dus: met je plankje onder je voeten stort je je ongeveer twee meter de diepte in, verticaal, geen zacht glooiende helling. Spectaculair. En ja, er wordt ook gevallen. Dat hoor je, dan klapt er een plank. Maar ik heb niemand horen piepen. Bijna iedereen droeg een helm en kneecaps en pols- en elleboogbeschermers. En de ouders die vanaf de kant toekeken, maakten ook niet een overbezorgde indruk. Het Skatepark van Burnside is een geslaagde mix van speeltuin, sporthal, circus, levensschool, gezellige horeca en: een community.  Er was vooral fun.

En dan waren we hier ook nog ‘ns op een wedstrijddag, de Broekie Cup werd vandaag verreden. De spreekstalmeester deed zijn aankondigingen en verslag, helemaal in stijl vanaf een skateboard, een bewegend skateboard. Hoe die wedstrijden in mekaar staken, dat ontging mij een beetje, ik kwam hier voor de kunst, nietwaar?

De Kunst. Want daar kwamen we voor. Wat was er te zien en waarom?

We hebben de vier kunstwerken bekeken die Bambí Benkö daar had opgehangen. Maar eerlijk gezegd: het was vechten om de aandacht voor die kunstwerken, want ze hingen dus in de skatehal. En alle aandacht ging dus naar de skaters die er links en rechts voorbij zoefden.

Uit de flyer:

Het skatepark wordt gevuld met een installatie van meerdere opblaasbare lichtsculpturen en de hal wordt gehuld in gekleurd licht. Zo probeert de kunstenaar de ruimte van een stoere, harde en vrij ‘masculiene’ plek te veranderen in een zachtere, dromerige en ‘feminine’ space.

De kunstwerken waren een soort zeppelinachtige constructies, met daarin lichtjes. En die hingen aan het plafond. Niet onaardig. Maar. Ik viel over de motivatie van de kunstenaar. Hoezo moet de ruimte veranderd worden in een zachtere, dromerige en ‘feminine’ space?


Ik had net hiervoor een jonge skatester zich naar beneden zien storten vanaf de startplek met haar plankje: gebrand op de BroekieCup, dat zag je. Ik denk niet dat zij heeft gedacht aan zachtheid en dromerigheid. Zij wilde actie en een goede prestatie neerzetten. Zij wilde een leuke zaterdagmiddag.

Dus. Eindconclusie: de Sint Olafstraat in Deventer is een aanrader. Niet alleen is daar het Skatepark en het gezellig café van Burnside, maar schuin tegenover bevindt zich ook Fietslokaal De Meet. Werkplaats, winkel en wielercafé. En weer daarnaast oefent het kindercircus. Waar je je drankje wordt aangereikt door een acrobate op een eenwieler. 

En de kunst in Burnside? Goed bedoeld maar wel een tikje idealistisch en ideologisch.

 

 

dinsdag 1 april 2025

Verdacht


Ja, dat waren wij. Dat hebben wij gedaan: die beschieting van die ambulances. En van die mensen erin ja. Hulpverleners zegt u? Hm, wij denken daar anders over.  

We kunnen allemaal wel een rode halve maan, groen kruis, geel kruis of rood kruis, of de hele regenboog op onze auto schilderen, maar dat betekent niet dat je dan zomaar overal ineens mag gaan rijden hier in Gaza, daar gaan wij over.

Wij gaan over de veiligheid. En die ambulances en die hulpverleners vonden we verdacht. Ineens afwijken van de route, dat is verdacht. En dan doen wij ons werk: we schieten. We schieten op verdachte voertuigen. En dan kun je wel in een auto rijden met een rode halve maan erop, en dan kun je zelf wel gekleed gaan als verpleegkundige met emblemen en alles, maar dan knallen we je overhoop. Moet je maar niet verdacht gaan lopen doen, met z’n veertienen.

En als we iets verdachts vinden, dan pakken we door. Dus veertien terroristen hebben we onschadelijk gemaakt. En ook hun ambulances hebben we aan gort geschoten. En daarna hebben we het hele zooitje, auto’s, terroristen, onder de grond geschoven met bulldozers. Verpletterd, gedumpt. Zand erover, zogezegd.

Respectloos? Zo zien wij dat niet. Wij gaan hier voor de veiligheid. Een terrorist is een doelwit, ook als hij vermomd gaat als hulpverlener.  Wij gaan dan tot actie over. Naar de Filistijnen ermee. Oorlogsmisdaad? Misdaad tegen de menselijkheid?  Nou moet je wel gaan oppassen met wat je zegt. We hebben ze toch netjes in een graf gedumpt, koffie?