donderdag 14 december 2017

woensdag 13 december 2017

Hij zag er verzorgd uit



Hij zag er verzorgd uit, toch raapte hij peuken van de straat.
Mensen meden hem. ’s Avonds zong hij in een karaoke-restaurant.
Misschien zou hij moeten overstappen op een ander repertoire,
werken aan zijn presentatie en ook aan zijn tafelmanieren:
een ei leeg slurpen, dat kan echt niet, koekjes dopen
in de koffie ook niet. Hij kon niet dansen, was onhandig bij vrouwen.
Toen hij een kleuter was, vertelde zijn moeder,
kwam hij altijd zingend thuis van school. Ook toen geen vriendjes:
hij speelde met pissebedden. Hij hield altijd afstand,
volgens zijn vader, alsof hij zich los wilde maken van de wereld.
Hij speelde in z’n eentje een heel orkest op zolder.
En als er een fout werd gemaakt, moest het overnieuw. Toch
bleef wat hij hoorde tussen zijn oren en ver van zijn hart:
streven leek voor hem te veel op sterven. Hij bleef maar minnen:
overal gaf hij zijn duim omlaag. Hij ging toen op Seroxat,
grabbelwerk was niks voor hem, hij ging voor het grotere,
veranderingen kon hij slecht tegen – en de rest weet u.

 


dinsdag 12 december 2017

Jan Arends - kindermeisje


Je kwam op bezoek bij die oude dame in dat huis in het bos, je had een afspraak.
Je  kwam daar niet zomaar een oud huis binnen: je nam daar een tijdgrens.
Mevrouw kende haar eeuw, kende Jan Arends niet alleen van naam,
maar had hem zelfs in dienst gehad als kindermeisje. Was geen succes:
lette niet op de kinderen, liet ze alleen. Jij hapte ondertussen naar adem:
Jan fucking Arends was kindermeisje geweest, bij deze dame.
Toen je weer terug thuis was in de stad waar je woonde trok je de bundel Lunchpauzegedichten van Jan Arends uit de kast. Met als resultaat
dat je verbijstering alleen maar toenam.