De NS zette bussen in - daar begon de dag mee. En dat was maar goed ook,
want anders hadden we Arnhem niet eens bereikt gisteren. We wilden naar de
kunsttentoonstelling in het Arnhemse park Sonsbeek, die eens in de vier jaar gehouden
wordt. En aan de vorige vier edities hadden we aardige tot goede herinneringen,
dus hadden we een bezoek aan deze editie geagendeerd. Maar de treinen reden
niet tussen Deventer en Dieren, vanwege werkzaamheden op het spoor, vandaar die bussen.
Okay, maar om een eventueel lang
verhaal van mij kort te maken: ik vond er weinig aan, aan deze editie. Ik vond
weinig goed. Ik werd door niets geraakt. Er waren niet echt kunstwerken bij die
indruk op me maakten. Ik stond nergens echt lang bij stil. Ik stond nergens paf.
En de titel van de expo vond
ik ook al zozo. Ik hoef geen tuin, ik deel een park, van Loesje.
Dat klinkt heel lief,
ruimhartig en wellicht spreken hier ook praktische en financiële overwegingen mee, en misschien ook ideologische, maar het is ook wel een tikje naïef.
Maar voor de duidelijkheid:
aan het park, aan Sonsbeek, lag mijn deceptie niet. Sonsbeek lag er majestueus
bij met zijn weides, heuvels, beuken, beekjes, vijvers, waterval en Belvedère (uit
te spreken op z’n Johnny van Doorns: dus de derde è lang, erg
lang, aanhouden, Belvedèèèèèèèère). Zo hoort een park er uit te zien. En daar hoort natuurlijk
dan ook kunst bij van niveau.
En die zag ik hier niet. Die
was hier niet.
We kochten een routekaart en
gidsje en gingen op zoek naar de kunstwerken.
En nou kan het komen dat dit
al onze zesde of zevende kunstroute was die we dit jaar liepen, maar wat een matige
kunst was dit.
Van verleden edities bleef me
altijd, minstens één spectaculair beeld bij – dat zag ik dit jaar niet gebeuren,
alles ging oog in, oog uit. Er was niets dat eruit sprong, dat me raakte. Er was zelfs geen schandaal of rel.
Jammer.
Er was, de kunst van Sonsbeek
strekte zich iets verder uit dan alleen het park, nog wel één kunstwerk dat
de moeite waard was, te zien naast het Stadhuis van Arnhem:
Mystiek Hexagram. Een kunstwerk dat bestaat uit 32.940 bloemen en
kruiden (een kleine veertig soorten). Bedacht en aangelegd door de Vlaamse Anne–Mie Van Kerckhoven. Allemaal eenjarigen, dus het is in meerdere opzichten
een tijdelijk kunstwerk, maar wat prachtig om te zien, wat een kleuren, wat een
palet, wat een rijkdom, wat een leven. Goed verhaal er achter ook.
Dus toch nog iets goeds
voordat we de NS- bus terug naar Deventer weer instapten.