zondag 10 mei 2026

Je boft maar dat Martin Parr niet in de buurt was

Je boft maar dat Martin Parr niet in de buurt was,
en overleden bovendien, want hij had jou meteen
in de gaten gehad als object om te fotograferen.
Had je jezelf vandaag al gezien in de spiegel?
En dacht je toen echt: dit kan wel? En heb je dat
ook nog aan je man of zus gevraagd: kan dit,
kan ik dit nog wel? Deze crop top met ruches,
in beige ook nog? Want ja, je was zwanger geweest.
Je kind was nog geen jaar, en terug in vorm
was je eigenlijk ook nog niet. Eigenlijk helemaal
nog niet. Dus waarom die joggingbroek met elastiek
om je buik niet aangetrokken? En dan naar het terras,
met je man en kinderwagen. En dan die sigaret.
Maar die rookte je buiten het terras, op straat.
Martin Parr zou je hebben gefotografeerd met
de fietsenrekken erbij. Hij zou hebben geflitst,
van dichtbij, dat die rommel bij je voeten
er ook scherp op staat. En jij centraal, met sigaret,
en je kind met kinderwagen op de achtergrond –
en je toekomst voor je.

zaterdag 9 mei 2026

Art Brut Biƫnnale bezocht, Amor gekocht

 


Vanmiddag heb ik een rode stip geplakt onder een schilderij op de Art Brut BiĆ«nnale in de robuuste Hal 43 van de voormalige Machine fabriek van Stork. Ik had Amor van RenĆ© van der Lans gekocht. En daar ben ik bijzonder blij mee, want het is een sterk schilderij, mooie lijst ook. En dat voor 350 euro, het uitstapje naar Hengelo vandaag heeft me dus een kunstwerk bezorgd.

De Art Brut BiĆ«nnale is dit jaar van 9 tot en met 17 mei in Hal 43 van de voormalige Machinefabriek van Stork. Een ongepolijste, rauwe omgeving, die het goed doet met de uitgestalde kunst. En die het ook goed doet met mij, ik hou wel van die technische ruimtes waarin zich allerlei knoppen, schakelaars, kranen, meterkasten, buizen, leidingen bevinden, waarvoor mijn benul ruim tekort schiet, zeg maar geen benul heeft. Maar het is ook drempelverlagend, zo’n historische, wat versleten omgeving: het is informeel, heeft geen pretentie, er waren kunstenaars en bezoekers die hun hond hadden meegenomen. Moet je ’ns in een normaal museum proberen.

Over hond gesproken. Het schilderij dat ik gekocht heb heet Amor, maar er staat een hond op afgebeeld. Misschien heet die hond wel Amor. Een hond die blaft. In een mooie lijst dus. Ik moet het schilderij nu met woorden beschrijven, in plaats van een foto (een plaatje zegt meer dan 867 woorden immers) want het schilderij kan ik pas meenemen naar huis als de Biƫnnale afgelopen is.

Wel kon ik de dichtbundel die ik van een kunstenaar kocht gelijk meenemen, een dubbeltalent dus. Maar de bundel kocht ik meer voor de tekeningen dan voor de uh, gedichten, want die bevonden zich ergens in de zone waar therapie, dagboek en kitsch bij elkaar kwamen. Maar het huis van de poƫzie heeft vele kamers, en daar is ook plaats voor dit genre.

 

vrijdag 8 mei 2026

Nachttrottoir, nostalgica

 


Nacht, het knipperend licht blijk een club,
geen apotheek, maar pillen zag je wel.
Je ging dertig, veertig jaren terug:
voorzichtig als je was, nam je een kwart.

Daar zag je de weg die je weer moest gaan:
dit had je beslist, je zocht naar de zin.
De bas dreunde rimpels in het kanaal.
Je slikte nog een kwart - je lag op straat.