Soms, als ik aan mijn zekerheden twijfel, dan fiets ik langs enkele mini - biebs bij mij in de buurt. En als ik dan de Kerewins zie staan, de Donna Tartts, de Ontdekkingen van de hemel en De Da Vinci Code, dan is mijn dag weer goed, en fiets ik gesterkt verder.
Michiel van Hunenstijn
Komt uit zijn woorden (dichter voor halve dagen)
donderdag 25 juni 2026
dinsdag 23 juni 2026
Een oproep voor een functioneringsgesprek
Hij kreeg een oproep voor een
functioneringsgesprek over zijn leven,
hoe vond hij zelf dat het
ging? Waar zag hij zichzelf over 5 jaar?
Had hij nog aandachtspunten?
En welke doelen had hij
eigenlijk nog voor zichzelf
gesteld? Was hij tevreden?
Waar kreeg hij energie van?
Waar lagen de uitdagingen?
En wist hij wel dat er, qua
leven, geen uitzicht was
op een vast contract? Alles
was tijdelijk en alles,
alles, had een exit gesprek. Maar voel vooral
geen druk. Waar was hij trots
op? Hoe dacht hij
dat zijn omgeving hem ziet?
Wat waren zijn sterke punten?
Was hij betrokken? (Was hij wat?)
Waar heeft hij hulp
bij nodig? Wat waren zijn
resultaten?
maandag 15 juni 2026
De kermis verlaat de stad
De kermis stond op de wagen:
de draaimolen, de botsauto’s
de Bon Voyage, de Breakdance,
de Swingbob, het
Funhouse,
de Zweefmolen, de Air
Force
de Mega Booster en
natuurlijk
de Showtime, alles
werd getakeld,
uit elkaar gehaald, ingepakt,
aangehaakt, de snoeren en
kabels werden opgerold
de lichtjes gedoofd, de
muziek
uit, de suiker uitgespind,
de gokkasten geleegd, de knuffels
Pink Panther, Minion en Pokémon
bij elkaar altijd, voor altijd prijs.
De kermis stond op de wagen.
zondag 14 juni 2026
Koud maar eigenzinnig Zondvloed
Er hing een foto van LiekeMarsman op het festivalterrein van Zondvloed, en er werd een gedicht uit haar laatste bundel voorgelezen door presentator G.W. Sok – zo was ze er toch nog een beetje bij, en dat is goed, want haar gemis doet pijn.
Voor de tweede keer werd hier,
op dit idyllische terrein, tussen de voormalige Gasfabriek en de IJssel, onder
de lichtjes en de platanen, het Zondvloed festival gehouden.
Maar waar de editie
van verleden jaar gedoopt was in gouden zonlicht, en bijbehorende warme temperaturen,
en de daarbij passende kleding, was het nu koud, kil en de westenwind waaide
over de IJssel, door het publiek naar het podium.
En dat was jammer. Want de line-up was erg interessant. Maar om het kleumend te bekijken, met jas en wollen das, en opgestoken kraag, was niet een goede combinatie. En normaal is een koud biertje op een festival lekker, maar nu was tie vooral koud.
Xillian stond in ’n eentje op het podium, muziek makend, zingend, gedichten en proza lezend. Uit een autobiogedicht van hem over zijn vader noteerde ik: Ik ben boos omdat ik zoveel op hem lijk.
Aan een eerder gezien concert van Vera Bon bewaar ik goede herinneringen. Vera en haar band traden toen op in het Rijsterborgherpark. En wat vond ik ze goed. En dat heb ik toen nog tegen haar gezegd. Dat weet ik nog, want Spinvis had in die tijd net een nieuwe plaat uit, en die vond ik niet goed. En dat was wel pijnlijk, want ik ben wel een Spinvisfan. En nu hoorde ik daar in het park iets, in hetzelfde genre, wat veel beter was.
Maar Vera Bon trad bij Zondvloed niet op met band. Ze stond op het podium met banjospeler en zelf speelde ze gitaar. En dat was, hoe zal ik het zeggen, meer kleinkunst, en geen popmuziek meer. En allemaal zeer mellow, netjes en verzorgd, maar ingetogen. Naast het podium stond een brandblusser, maar je vroeg je af waarom, want vonken zag je niet.
Van Idwer de la Parra, heb ik thuis twee bundels, Grond en Vlerk. Twee heel prettige, rustige bundels van een dichter die ook buiten werkt, als tuinman, en kruidenteler. En dat schept een band, want ook ik heb op een boerderij en vervolgens op een kwekerij gewerkt. Dus ik weet ook van grond. Maar een goede, prijswinnende bundel (de Awater Poëzieprijs) hebben en een aantrekkelijk optreden verzorgen, dat blijken soms toch twee verschillende zaken te zijn.
Idwer bleek verkouden, dat kan, maar neem dan een zakdoek mee en snuit je neus, in plaats van dat gesnuif steeds voor de microfoon. En even het publiek begroeten met een simpel goedenavond kan ook geen kwaad.
Ook hier bleef de brandblusser naast het podium ongemoeid.
Had ik al vermeld dat het publiek zo gemêleerd was? Ja, voor 99% wit, dat wel, maar er waren veel jongeren, eigenzinnige jongeren, als ik op het uiterlijk, kleding, kapsel, uiterlijkheden, af ga.
Spoken word dichter Rihab el Majdoubi trad op met een gitarist. En ik vond het optreden, tot mijn verassing, eigenlijk best wel goed. Mijn reserve zat er in dat ik spoken word dichters, of ze nu uit Engeland, Vlaanderen of Nederland komen, zo op elkaar vind lijken in hun voordracht: allemaal dezelfde stembuigingen, pauzes. Maar dat was hier niet het geval. Ik moest zelfs aan Lou Reed denken, met zijn praatzang in Coney Island Baby. Mooi.
De boodschappen over Gaza dit, en genocide dat en Free Palestine, free de buurt (waarvan, van wie, vraag ik mij dan af) hadden voor mij dan weer niet gehoeven. Boodschappen haal ik wel bij Dirk.
Bijzonderheid, hoogtepuntje was het optreden van dichter en auteur Meindert Talma, die hiervoor een compleet eigen niche had uitgevonden. Wat was dit? Celluloid Illusies. Meindert behandelde, als was het een openlucht college, de autobio’s van de Nederlandse cinema o.a. Sylvia Kristel, Rutger Hauer, Monique van der Ven, Paul Verhoeven, Andy Vrielink (uit Hengelo, Andy, bloed en blond haar) en Hans van Tongeren. Geschiedschrijving, terugblikken op de jaren tachtig en eerder. Er komt wat drama voorbij. Wat een idee, waanzinnig interessant, zeker voor de wat ouder wordende filmliefhebber, en met beeld. Erg origineel en erg goed gebracht.
Bij dit festival Zondvloed, heb ik iets gedaan wat ik normaal nooit doe. Ik ben daar niet trots op, maar voor de draad ermee dan maar: ik ben voor het einde weggegaan. En dat hoort niet. Je moet tot het einde blijven bij een festival. En dat heb ik deze keer niet gedaan. Sorry. Maar ik had het kil, ik had het koud, ik rilde. Mijn schoenen waren nat.
Spinvis trad op, dat wil zeggen, Erik de Jong samen met celliste Saartje van Camp. De band had even vrij. Maar het Spinvisrepertoire was wel te horen, maar nu alleen op gitaar en cello. De setting mag dan wel intiemer zijn, maar ik hoor toch liever Spinvis als band. En de keuze van songs vond ik ook niet helemaal gelukkig: dan heb je zoveel prachtige liedjes, en dan kies je juist deze? Op een ochtend in het heelal heb ik helaas niet gehoord. En, eerlijk gezegd: de gitaar klonk niet echt, en de zang van Saartje van Camp was deze avond wel erg dun, maar dat kan ook aan de westenwind gelegen hebben.
Sorry Joke van Leeuwen, excuses Maria Barnas, we kleumden, we gingen naar huis.
(Volgend jaar zijn we hier weer, maar dan met zon, afgesproken).
vrijdag 12 juni 2026
De dichter en de duivel - een episodisch gedicht
Vandaag, ik was vrij, ik hoefde niet te werken, stonden er eigenlijk maar twee dingen op mijn programma: afspraak bij de tandarts, de halfjaarlijkse controle, en het aanschaffen van de dichtbundel ‘De dichter en de duivel ’van Lieke Marsman.
Dus ik kon uitslapen, rustig de krant lezen, op mijn gemak naar de tandarts fietsen, en daar een consult ondergaan. En daarna naar boekhandel Praamstra, om daar een exemplaar van De dichter en de duivel, aan te schaffen. Volgens de tafel daar, stond Lieke’s bundel op de eerste plaats in de verkoop top tien.
Thuis aangekomen, heb ik me geïnstalleerd aan de tuintafel: biertje opengeklikt en ben begonnen met lezen.
Maar wat een fijne bundel is dit.
Toevallig heb ik net ook een bundel uit die episodisch van karakter is, waarin een personage zich door het gedicht beweegt. Nou ja zeg, en dat is in deze bundel, van meer dan 100 bladzijden, ook het geval? (Ja, maar dan oneindig beter).
Ik heb de bundel van Lieke Marsman met grote interesse en met veel plezier gelezen. En ik vind het een aanrader.
dinsdag 9 juni 2026
Persbericht, ja hoor, ook gewoon hier te lezen
Reis naar het einde van de Deventer Boekenmarkt
Op zaterdag 6 juni is in De Hereeniging in Deventer, de poëzie-collagebundel Reis naar het einde van de Deventer Boekemarkt van Maria Willems en Michiel van Hunenstijn, feestelijk gepresenteerd.
Michiel van Hunenstijn droeg het openingsgedicht van de bundel voor, en Maria Willems reikte het eerste exemplaar uit aan Marianne Bakker van Kunstwerkt, een creatief atelier en dagbestedingslocatie voor kunstenaars die het net even anders doen.
De bundel Reis naar het einde van de Deventer Boekenmarkt is een zogeheten episodisch gedicht. Een verhaal in verzen. En in de bundel volgt de lezer een personage dat, als in een koortsdroom, op zoek gaat naar dat ene boek dat hij op een van de meer dan 650 kramen hoopt te vinden.
De bundel geeft een beeld van de Deventer Boekenmarkt, de kramen, de stroom bezoekers, de IJssel, de pleinen, maar vooral toch de boeken en de zoektocht naar dat ene exemplaar, wat de (be-) zoeker drijft. Maar de bundel is niet alleen gedicht, de bundel is ook beeld: elk vers gaat gepaard met een bijpassende collage.
Maria Willems en Michiel van Hunenstijn waren de eerste twee edities van de Deventer Boekenmarkt ook aanwezig met een stand van de Taal- en Drukwerkplaats, waar ze elkaar ontmoet hebben.
De bundel is bijzonder vormgegeven door grafisch vormgever Peter Bos, en is een beperkte oplage gedrukt.
Reis naar het einde van de Deventer Boekenmarkt is verkrijgbaar bij Boekhandel Praamstra in Deventer en kost 17,50 euro.
(fragment)
Er was
een plek waar boeken samen kwamen
eens per jaar, aan de kades van een stad
aan een rivier. Je boekte een hotel
waar Komrij, Wigman, Zwagerman en Brands
hadden overnacht. De nacht van je leven,
dacht je, dus kon je de slaap niet vatten
de Nachtportier wees je naar de kramen
staketsels, nog niet door zeilen bedekt
De kades
leeg, een late kroegloper
probeert een goed gesprek bij zonsopgang
daar zijn de busjes van de antiquairs
en daar de dozen, Dole, Chiquita
maandag 8 juni 2026
Shit fuck
Ze had de mooiste ogen.
Ze had tegelijk ook
Gilles de la Tourette.
Dus toen je je verloor
in haar diepbruine ogen,
vlogen de shits en
fucks
je om de oren.



