Het was 14, veertien oktober in Dirkswoud. Het was nu, bijna overal, 14 oktober op de wereld, maar
voor de inwoners van het Noord-Hollandse dorpje Dirkswoud, had deze dag een speciale betekenis: het was de overlijdensdatum van hun stichter,
hun bedenker: Ben Hoogeboom,14 oktober 2012.
Zonder Ben Hoogeboom was er geen Dirkswoud geweest. Geen Nellie Daas,
Fournituren, Kleinvak & Huishoudelijk Gemak,
geen Sint Clara Kerk, geen pastoor Engelbertus de Zeeuw, geen
Noordervaart, geen Zuidzijde en ook geen Cafe Amperzat, ook al is dit etablissement op het moment van schrijven, net even gesloten vanwege een schimmig Bibob dingetje. (Ben had daar vast het fijne van geweten, en over geschreven). Maar wel jammer, want de Ben Hoogeboom Pubquiz over oude obscure muziek, met pertinente meningen daarover, gaat dus nu ook niet door. Ook het geplande optreden van Dirkswouds experimentele theatergezelschap Aanhangend Water, dat een selectie stukjes van Ben op de planken, eigenlijk het biljart, wilde brengen, is helaas daardoor komen te vervallen.
Wat zouden we veel gemist
hebben. Ik was weg van deze vondst, dat verzonnen dorpje, en vol
bewondering voor deze vondst, bedenk maar ‘ns een dorp, een geschiedenis,
markante inwoners en wat er verder allemaal aan Bens brein ontsproot.
En toen Nurksmagazine blogger
Spencer Brandsen had gevraagd aan Ben Hoogeboom, of het okay was als hij ook
‘ns een keer een Dirkswoudje mocht doen, en dat Ben daarop, heel fijn, met
‘ja’ had geantwoord, toen begon er bij mij ook iets te borrelen: ik zou
ook een Dirkswoudje kunnen maken. En dat deed ik, ik schreef er een stuk
of tien.
Ik weet niet wat Ben
Hoogeboom er van gevonden zou hebben, hij schreef veel beter dan ik, had een
wijdere fantasie. Maar Ben was dood, en ik wilde dat Dirkswoud door zou leven.
Dus dat probeerde ik.
* * *
Het was 14 oktober 2026, en
als je over de Noordzij en de Zuidzijde liep, of de Robert Anker brug
passeerde, dan moest het toch wel opvallen: de afbeeldingen van Ben Hoogeboom
in de voortuinen, achter de ramen, in de etalages, en dus ook aan de onderkant
van de Robert Ankerbrug. Het was de Ben Hoogeboomdag
Ja, dat is best een imposant,
uh, gezicht, het portret van Ben Hoogeboom metershoog op de onderkant van de
brug. En dus alleen te zien wanneer de brug omhoog gaat. Maar als dat zover is,
dan verzamelt zich elke keer een groepje Dirkswouders om dat te kunnen
zien.
De schilder kennen we, Gekke Henk, bekend van de collages. Hem werd de opdracht gegund. Er was alleen
één maar aan de opdracht verbonden: de schildering, het portret moest op de
onderzijde van de brug geschilderd worden terwijl die dicht was. Dat was wel
een uitdaging.
Dus lag Henk dagenlang op z’n
rug in de platbodem onder de brug, terwijl de verf in zijn gezicht spatte. Maar
daar hoorde je Henk niet over, hij veegde en likte de spatters verf van zijn
gezicht, ‘ik proef Ben’, had hij gezegd, als er een boot passeerde, ’ik heb hem bijna’. En
daarna daalde de brug weer.
Maar vandaag, 14 oktober, staat
de Robert Ankerbrug in Dirkswoud de hele dag open, zodat elke Dirkswoudenaar
het portret van hun stichter en bedenker Ben Hoogeboom, met zijn baard,
bril en zijn milde en melancholieke oogopslag kan zien.
Ben, bedankt.
Ben Hoogeboom schreef voor Sargasso, nurksmagazine en voor zichzelf. Hij had het dorp Dirkswoud bedacht. Hij had de geschiedenis van
Dirkswoud bedacht, hij had het dorp een stratenplan gegegeven, een
pastoor, markante middenstanders, een voetbalclub – wat je maar kon bedenken.
En dat alles in een jaloersmakende, puntgave stijl. En ik hield zo van dat
dorp. Van de Noordzijde, de Fourniturenzaak van Nellie Daas. En ik kon er
slecht tegen dat met Ben ook Dirkswoud zou verdwijnen. Dus af en toe dwaal ik nog even langs de
Noordzijde, de Zuidzijde en breng een bezoek aan de St. Clara Kerk.