Posts tonen met het label aanstellerij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label aanstellerij. Alle posts tonen

woensdag 6 mei 2020

De stadsdichter schreef werkelijk onberispelijke poëzie

De nieuwe stadsdichter schreef werkelijk onberispelijke poëzie.
Alle woorden stonden netjes in het gelid en het rijm stond netjes
aan het eind van de regel op z'n beurt te wachten. En met het ritme
was ook niets mis. De verzen blonken en roken naar lente en de
zinnen schitterden als kristal, hier was een dichter aan het werk
die verzen schreef met mes en vork. Een dichter die met twee woorden
sprak. Er zat een krul aan elke zin. Het zag er allemaal even piekfijn uit.
Hier polijstte hij nog even gauw een woord, daar blies hij een stofje weg.
Er was werkelijk geen vuiltje te bekennen, geen greintje morsigheid,
pijn, of armoe, was er op het papier te vinden. Geen nachtelijk glasgerinkel
of onvertogen woord in de marge. Nergens een kras, alles is gaaf.
Maar.
Er kleefde geen straat aan de dichter. Geen buitenwijk, geen achterbuurt.
En in de gedichten klonk geen hartenklop, ze roken stuk voor stuk
steriel naar niks. Kijk, daar zet hij weer, met zijn handschoenen
en fijn pincet, een zwierige punt op een sierlijke i,
van een onberispelijk maar bloedeloos gedicht.

woensdag 14 december 2016

Aanstellers

Hardlopers die groeten, als ze elkaar tegenkomen,
even een kort knikje met het hoofd, even een handgebaar:
het is nog ver, het is warm, het is koud, het is nat, het is guur,
de spieren doen pijn, jullie gaan allebei dezelfde weg: sterkte.
Maar hardlopers die naast een kruispunt, voor een terras,
of op een drukke parkeerplaats druk bezig zijn met hun rek-
en strekoefeningen, behangen met mobieltje en waterflesje –
daar ben ik niet dol op. Nee, die groet ik niet.