vrijdag 28 februari 2025

zondag 23 februari 2025

De Nieuwe Contrabas

 Waar luister je naar, wat zit je toch te grinniken?

   Ik luister naar de nieuwste aflevering van De Nieuwe Contrabas
   maar luister jij wel ‘ns naar een podcast?

Nee, ik kan niet luisteren. 

Wanhoop niet God is er

Als ik het weer ’ns niet zag zitten,
als ik er weer doorheen zat,
als het niet echt meer ging,
dan pakte ik mijn racefiets
en zette koers naar Brummen.
Want daar, aan de Zutphensestraat
nummer 81
hing een lichtbak
aan de gevel met de tekst:
Wanhoop niet God is er.
Ik prevelde dat dan hardop:
Wanhoop niet God is er
en opgelucht, gesterkt en gered
peddelde ik dan terug naar huis.

zaterdag 22 februari 2025

Wit

Daar zat je dan, met je arm in het gips,
morgen werd je verwacht op het Jiujitsu toernooi,
maar je droeg een bril, en je had geen pak,
geen band, geen les gevolgd, niets. Hoe
kletste je je hieruit? Vroeger ging men dan bidden,
maar dat deed niemand meer, hoe dan, en tot wie?
Wie wist er nu nog waar het Lijnpaadje liep?
Je ging naar buiten en zag de mist
kragen leggen om de koeienhalzen.

 

Elke gelijkenis berust

Ze spreekt uit haar vuilbek. Ze is slinks, ze smoezelt,
ze konkelfoest achter haar ellenbogen, ze bakst achter.
Ze mest een steek in je rug, ze kronkelt als een serpent,
ze slist met gespleten tong, ze liegt, ze neemt een loopje
met het fatsoen: ze schijt erop. Ze manipuleert de waarheid,
ze tuft haar ego in ieders gezicht, ze schrijft schijt. Ze krijst haar
uitroeptekens in iedere zin. Ze schilfert, schurft,
de korsten stollen (ze ziet er niet uit) ze krabt zich kapot,
daar helpt geen eeuwig zalvend smeren aan.
Haar gezicht, hals en armen zijn een palet van paars,
purper, rood en necrosezwart. Je wendt je ogen af.
Het jeukende pantser, de krabbende nagels, de striemen
de bebloede vegen, de vlekken, de korsten, de bulten,
de schilfers, de zweren, de kloven – de walging. Snerpend
komt de drek over haar dunne, bloedeloze, bleke lippen.
Blaarvocht mengt zich met pus, je zou afstand bewaren
haar niet aanraken, je ruikt de lucht, de haat: ze blaft.
Ze blaft blinde haat en jaloezie uit haar schimmelkop,
haar rotte pokkenkop, je wilt afstand, de boel ontsmetten,
een raam open tegen het valse ziekmakende gif – nu.
(Godzijdank heeft zij zich niet voortgeplant)
Verbrand het lijk, dicht af het graf, ontsmet het gebied.
Ratten lusten de haatheks niet, wenden zich af.
Verrotting, ontbind haar, wormen, maden, kom,
walg niet, tast toe, haast je, want de hel die wacht niet.

 

vrijdag 21 februari 2025

Vrijdagmiddag, rondje Noordenbergkwartier

De bibliotheek, ik moest naar de bieb om een boek terug te brengen dat bij nader inzien, bij pagina 45 eigenlijk al, om precies te zijn, pagina 45 van de 758 pagina’s, iets te ver buiten mijn interesse gebied uitwaaierde: Filosofie van de waanzin, van Wouter Kusters. Nu kon ik heen waar ik voor kwam: de exposite van aquarellen van oud collega, Ria Vroegindeweij. Ik vertrok niet met lege handen uit de expositieruimte De Ontmoeting, want in de collectie tweedehands boeken zag ik een dichtbundeltje van Eli Dasberg, Sonnetten en liederen geschreven in Bergen-Belsen, 1 euro.

Dan wacht galerie Mokuwa op ons, de vernissage van de kunstenaars die hier nu hangen, hebben we helaas niet bij kunnen wonen, helaas, want ze waren live aanwezig om over hun werk te vertellen. De kunst die er nu hing, was gemaakt met een balpen, pentekingen.

Maria liep nog een keer een rondje door de galerie, maar dan met de prijslijst in haar handen, ze liet een rode stip zetten bij een pentekening van Zanzou 5-Cinq. Het vrolijke kunstwerkje was 100 keer zo duur als de dichtbundel van Dasberg. We moeten nog een plekje zoeken thuis waar het komt te hangen.

Bij boekhandel Praamstra, ik kwam daar voor de vrijdag NRC, zag ik een bont gekleurde folder liggen: WandelrondjePoëzie plezier in het Noordenbergkwarier. Veertien gedichten die iets zeggen over dit gedeelte van de stad en de geschiedenis daarvan, of gewoon wat de dichter die dag op papier had gezet. Enkele gedichten waren van leerlingen. De gedichten gaan van zwaar, struikelsteen, tot licht: groene lippenstift, want enkele gedichten waren geschreven door leerlingen van de Hagenpoortschool groep7/8.

We sloten het rondje kunst en cultuur in het Noordenbergkwartier af met een bezoek aan De Ruimte, Nieuwstraat 38, Deventer, waar Jeannette Knigge haar werk exposeert en met de bezoekers praat. Geen alledaags werk, wel intrigerend, en soms confronterend.

 

dinsdag 18 februari 2025

Weekendje Glasgow

Wat was dat eigenlijk lekker, Glasgow in de miezer, in de druil, in de fijne motregen en Glasgow in de mist en kou. En dan  vanuit het station, zo naar het Grand Central Hotel, bouwjaar 1883, waar we gelijk het tijdperk instappen (we verbleven dus in stijl)  waar we geïnteresseerd in zijn: the arts and crafts movement, en de Jugendstil van Charles Rennie Mackintosh, in het bijzonder zijn Glasgow School of Art (al was het alleen maar om de entreepartij). Ik kende het iconische gebouw alleen maar van plaatjes, uit mijn schoolboek kunstgeschiedenis, daar zag ik het gebouw voor het eerst. Dus was ik toch wel een beetje star struck toen ik er uiteindelijk tegenover stond, zwaar en toch licht, machtig en toch elegant. Dit was ‘m dan, ik heb daar een poos gestaan, onder de paraplu waar de regen op tikte. En de foto’s die ik toen van The School of Art zag, waren zwart wit, en dat maakte het gebouw nogal somber, serieus en zwaar. Nu kwam vooral de rust en evenwichtigheid over. Er kwam ook een rust over mij: ik kon ‘m afvinken, ik had het Mackintosh gebouw gezien. Ik hoefde niet naar binnen, de buitenkant was al genoeg. Nu konden we naar een warme pub. Welke werd het ook al weer, was dat The Scottia, de oudste Schotse pub? Was dat raar eigenlijk om voor één gebouw (helemaal correct is dat niet: we namen ook enkele kerken, een begraafplaats en één museum, ook een Mackintosh, mee. En het hotel was natuurlijk al een monument van zichzelf) de Noordzee over te steken? Ik wist het antwoord niet.