zaterdag 21 maart 2015
De dweper
De dichter werd tijdens het lezen van een gedicht
'geraakt tot in het diepste van zijn Zijn.'
Hij schreef dat 'het nauwelijks te peilen was,
die diepte van zijn eigen Zijn
waarin hij werd getrokken.
En het zich bezighouden met
het geraakt zijn en het getroffen zijn,
van de vroege ochtend tot de avond,
dat voegde enorme Waarde toe.
En uiteraard is hij zeer ontroerd.'
De dichter bofte maar
met zo'n geëxalteerde ziel.
vrijdag 20 maart 2015
Kunst op zondag
Hij
arriveerde 's ochtends vroeg, zette z'n fiets weg,
Hij bukte,
raapte z'n peuk op van de grond,
rookte, pieste
tegen een boom en zei:
'zaterdagnacht
doet dat verkeer maar wat - levensgevaarlijk'.
Hij was van
de week bij die workshop schilderen
van de
reclassering geweest. Nee, helemaal vrijwillig.
Hij had
naast een Engelsman staan schilderen,
die kende
weer een vrouw, sprekend Audrey
Hepburn,
mooi, maar
ze was alcoholiste - helaas.
En hij, die
Engelsman, rondtrekkend muzikant,
nou dan weet
je het wel, meer nachtleven
dan dagleven.
Ga je uit, sta je later op de avond,
beland in
zo'n hippe tent, groene drankjes,
strakke
muziek, vrouwen en mannen
uit de
postordercatalogus, ga je naar de wc,
hangt daar
op kruishoogte pal tegenover je,
pontificaal:
een spiegel, kun je, heel praktisch,
je bent toch
bezig, je zaakje even checken -
Jij knikt
gehaast, ja ja, prima, je vindt het wel genoeg.
gister was
het laat, en het was een drukke week,
en voor
spraakzaam bezoek,
de kinderen
had je voor de tv gezet,
is het nog
veel te vroeg. Ter zake dus.
Had hij 's
nachts dus een project bedacht,
nee, hoho,
koste haast niks, was te doen, wacht.
Dan was er
sneeuw gevallen, in het bos.
Heb je het
beeld? Zie je het voor je?
Alle
sparren met sneeuw bedekt op rij.
Kwam hij,
tikte van elke spar, 1 takje groen.
Alles wit
met steeds een accentje groen.
Heb je het
beeld, zie je het voor je?
Je knikte
maar je schudde je hoofd:
kunstenaar
verdwaald in beelden.
Maar je
wilde ook niet dat de historie
je zou
aanwijzen als degene die een genie
had
aangezien voor een gek: je liet de deur,
kortom, een
beetje open. Uit het borstzakje
van zijn
colbert stak een setje penselen,
en een tube
tandpasta met een borstel,
of was het
toch een kwast?
En, ging
hij verder, niet om het een of ander,
maar of ik
ook een borrel had. En tussendoor,
een
begroting had hij ook al in zijn hoofd.
Je zuchtte
even, zocht alvast naar je portemonnee
je keek
naar de klok, je wist, de kerk verderop ging net uit,
en trok de
fles jonge open: kunst op zondag.
Je schonk
het glas van het genie vol tot aan de rand.
Laatste woorden
Dus jij
hangt in dodelijke eenzaamheid aan het kruis
en je Vader
heeft je verlaten - en dat heeft je verrast?
Maar, Jezus, dat is wat vaders doen. Die
verlaten je.
Je kunt
roepen wat je wilt, maar dat is de weg die vaders gaan.
Dit kon je zien
aankomen, en je kon hem zien weggaan.
En hij
geeft zeker geen antwoord op je vraag: waarom.
Dan hult
hij zich in een allemachtig zwijgen.
Wat hier nu
gebeurt was allemaal al voorspeld en beschreven.
Het hoefde
alleen nog maar uit te komen, met jou in de hoofdrol.
Je bent
dus, goed beschouwd, een acteur in een Bijbels stuk.
Goed gecast
en tekstvast ben je wel: In uw handen
leg ik mijn
geest. Toe maar, wat een onverminderd vertrouwen.
Dat je niet
denkt dat hij je de rug heeft toegedraaid,
en dat je geest,
pats, op de aarde te pletter valt.
Je
kruisiging word een trage pijnlijke dood, dat weet je nu.
Maar wacht,
gelukkig hoor je daar de eindtune al: Bach.
Mijn God,
wat is dat toch mooi. Je sluit je ogen: erbarme
dich.
Een warme
golf van mededogen overspoelt je, neemt je mee.
Verdooft de
pijn, licht je even op van deze wereld.
-Neuriet mee met de Passion van Bach-
De laatste
noten stierven weg, de tranen liepen over je gezicht. Als het niet van de hemel of van de vader
komen moest, dan maar andersom. Maar over sterven gesproken. Het werd tijd voor
de allerlaatste woorden, wat zou je ervan maken. Met een knipoog naar het
zometeen weer lege graf: "I'll be
back?" Of zou je je toch maar tekstvast betonen. Je koos voor het
laatste, ook omdat de plechtstatigheid en de dramatiek van de woorden je zo
aanstond. Je hief je hoofd en sprak: het
is volbracht.
donderdag 12 maart 2015
Dikke kont in te krappe broek
Helemaal
mee eens, akkoord, er zijn ergere dingen
om je druk
over te maken dan een dikke kont,
gestoken in
een te krappe broek. Maar als je die
te dikke
kont, geperst in een te krappe broek,
elke
ochtend voor je hebt lopen op weg naar
het
station, die dikke, brede en toch platte kont,
gesnoerd in
die veel te krappe broek,
dan begin
je de dag toch niet prettig.
Elke
ochtend op weg naar het station,
voegt zij voor
mij in, met die dikke kont,
in die te
krappe broek.
Ook op weg
naar de trein van 07.48 uur
En dan loop
ik gelijk sjokkend met de blik op die
dikke, brede
en toch platte kont naar het station.
Helemaal
mee eens, akkoord, er zijn ergere dingen
om je druk
over te maken dan een dikke kont,
gestoken in
een te krappe broek. Maar als je die
te dikke
kont, geperst in een te krappe broek,
elke
ochtend voor je hebt lopen op weg naar
het
station, die dikke, brede en toch platte kont,
gesnoerd in
die veel te krappe broek,
dan begin
je de dag toch niet prettig.
Dakraam
Binnenkort
zou ze hier al 25 jaar wonen, op deze zolderkamer twee hoog achter. Weliswaar
hartje Haarlem, maar daar merkte ze alleen maar iets van als ze een stoel
aanschoof en dan op het aanrecht ging staan. Dan kon ze door het dakraam de
toren van de Bakenesserkerk zien, die versierde banketbakkersmuts. Vanaf de
brandtrap zag ze alleen de gevels en de achtertuinen van de buren: de
gezelligheid van de gezinnetjes. 's Nachts bleven op de balkons de lege wijnflessen
staan. Met twee of meer glazen eromheen. Haarlem kon zo romantisch zijn als je jong
was.
De douche
en wc deelde ze met vier anderen. Haar huisgenoten werden elk jaar jonger. En
viezer leek wel. Dat dopje van die shampoofles lag al een jaar op dezelfde
plek. Was zij ook zo geweest toen zij hier onder deze hanenbalken kwam? De
stereo knetterhard en dat schorre geschreeuw?
Waarom was
zij nooit uitgevlogen zoals alle andere lichtingen wel hadden gedaan? Gewoon,
een man, een huis, een flatje desnoods, en ook samen 's avonds wijn drinken op
het balkon als de kinderen in bed liggen? Waarom vond zij geen man die bij haar
wilde blijven? En waarom had funda geen huis voor haar? Opeens vond ze Kinderhuisvest een wrede naam, en Het Verwulft klonk als een vloek. En het
Spaarne viel toch niet echt binnen de definitie van rivier? Ze schoof een stoel
bij het aanrecht, klom erop en keek naar buiten. Ze zag de Bakenesserkerk.
Daarachter, de Oude Notweg af, was Ruigoord. Als ze achterom door het dak heen
kon kijken, zou ze de zee kunnen zien: ze stond tussen wat was geweest en de
eeuwigheid. Maar nu zag ze alleen de donkere wolken omkaderd voorbij drijven.
En de hanenbalken. Ze sloot haar ogen en stapte van het aanrecht af.
donderdag 5 maart 2015
Dode meeuw op het Pothoofd
De meeuw is
dood, onmiskenbaar.
Hij is
uitgevlogen. En stilgevallen.
Hij ligt
dood midden op het fietspad.
Gisteren
ook al. Maar morgen ligt hij daar niet meer.
Dan ligt
hij daar in de berm, heeft iemand hem
opgepakt en
in het gras gelegd.
Kon hij
daar verder gaan met dood zijn.
Doodzijn
duurt heel lang. Je moet toch
minimaal
wel denken aan een eeuw.
Of anders
aan een meeuw.
Verkeerde plek, door A. uit N.
Liep je
daar in de binnenstad, pal van uit de coffeeshop,
de
realiteit in van sociale afspraken en bijpassend gedrag.
Je had het
er maar druk mee, knetterstoned dat je was.
Kreeg je
ook nog pats opeens de vreetkick,
de enorme
zucht naar vet en zoet - en wel nu.
Stond je
daar in die Chocolaterie tussen de nette dames
en de
vitrines met bonbons. Je hoorde een stem vragen,
hij bleek
van jou: verkoopt u ook Snickers?
Abonneren op:
Posts (Atom)