Posts tonen met het label dood. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dood. Alle posts tonen

dinsdag 29 oktober 2024

Eeuwigheid, hier komt mijn moeder aan

                  Voor mijn lieve moeder

     11 februari 1934  -  29 oktober 2024 


Eeuwigheid hier komt mijn moeder aan, wacht
even, heb geduld, wees aardig voor haar.
Ze is nieuw hier, kent de weg niet, help haar.
Haar tred is wankel, ondersteun haar, toe.

Eeuwigheid, wees hoffelijk, wees beleefd.
Mijn moeder is oud, broos en nu ook dood.
Ze sprak zinnen die dwarrelden als sneeuw.
Vrolijk strooigoed, confetti van woorden.

Dood, wees aardig tegen deze dame
die mijn moeder is. Want ik ben haar zoon.
Spreek wat Frans met haar, citeer een gedicht.
Haar geest vervliegt. Zij is, maar niet meer hier.

Dood, vraag haar over vroeger en moeder,
haar dochter, stil en koud van even zeven
maanden, en breng haar weer tot leven.
God, geef haar tijd om dat weer in te halen.

Dood, zij eindigt hier bij jou voor eeuwig.
En ik blijf achter, levenslang haar zoon.
Verlicht haar nog heel even voor ze in de nacht
verdwijnt, en dek haar zachtjes toe met vroeger.

                                

                                           

vrijdag 20 december 2019

A. te G. kwam een dagje naar Deventer

Toen je kwam, kondigde je de dood
van Deelder aan. Toen je vertrok,
meldde een man op het station
een bom. Je komst bleef, kortom,
niet onopgemerkt. O ja, tussendoor
rookte je nog een reefer of vier
en had je praatjes voor twee.

woensdag 20 november 2019

Gedicht voor Wu Yongning (26)




Wu, ik kende je niet. Dat is ook niet zo’n wonder:
je leefde aan de andere kant van de wereld. Maar,
er is internet, er is nieuws: jij was nieuws.
Wu, ik zag de laatste seconden van jouw leven.
Je hing daar met 8 vingers aan de dakrand
van die torenflat, ergens in China – spectaculair.
Gefilmd met je eigen mobiel, die je nauwkeurig
had opgesteld, je was goed in beeld. Maar
wat we zien, was niet wat je gescript had.
Je bungelde aan het leven, je verloor je grip.
Je probeerde je daar, 100 meter boven de grond,
terug in het leven te hijsen. Wat was je denkende.
Wat ging er door je heen toen je kracht afnam.
Je had een blog, een Insta een populair kanaal,
een Twitter, je wekte verwachtingen, je had likes.
Je leefde volop, je brandde voluit. Je diende niet
braaf je leven uit, je leefde op het randje,
zonder vangnet. Je was niet van dat flauwe
dat laffe. Je was populair. Je had die likes.
Je hing aan het leven. Je kon niet meer,
je wist dat beneden de stenen op je wachtten,
je liet los, daar ging je, je ging keihard op zwart.

zaterdag 24 november 2018

Goudvis

Je had een goudvis gekocht
en had ‘m meegekregen
in een plastic zakje met water.
Zo liep je over straat,
het zakje met de vis
bungelend in je hand.
De vis was rood
met zwarte vlekjes om zijn ogen.
Thuis had je de kom al klaar:
steentjes, planten en een grot –
het was er allemaal. Je had alleen
nog geen naam, je dacht aan Bob,
wie weet, het had geen haast.
’s Ochtends dreef de vis in het water,
zijn oog bekeek je kil vanuit
een naamloos graf.