Posts tonen met het label Dirk van Bastelaere. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dirk van Bastelaere. Alle posts tonen

zondag 7 september 2025

Soms…..

Ik ben bezig in de essaybundel van Dirk van Bastelaere Wwwhhooosshhh

Over poëzie en haar wereldse inbedding.

Niks aan de hand, ik lees wel vaker gedichten, of over gedichten. Maar dan. Dan beland ik ineens op pagina 154. En daar lees ik…

Het is een letterlijk letterlijke betekenisloze gebeurtenis, die helemaal geen mantra is, geen aan pre-antieke rituelen herinnerend (ritmisch) klankpatroon dat enkel om zijn formele schoonheid dient te worden bewonderd, maar een gebeurtenis die subject en betekenis tijdelijk in een eclips plaats. Op het eerste gezicht/niveau een compensatie voor de syntactische fragmentatie bij middel van een klankrepetitie die ongrammaticale proposities aan elkaar breit met een semiotisch stramien, is het eigenlijk een onzinnige gebeurtenis, een paragrammatisch exces, een schizoïde flow, een subjectverdunner, een verontrustende, lichamelijke grom, die op transfrastisch niveau een materiele, lichamelijke, betekenisloze structuur tot stand brengt.
Het is deze structuur die de logica en grammatica van de symbolische orde doet vervloeien, en zo de tekst tot lichaam maakt. Kristeva brengt dit soort verschijnselen in verband met de chora, een begrip dat ze aan de Timaeus van Plato ontleent, en dat een moederlijke, amorfe, recipiënt aanduidt die de taal in haar structuren (woorden, figuren, verbanden) voorafgaat – een smerige, vettige plek, waarvan echo’s nog naklinken in onze stembuigingen, klanken en ritmes. Een lillend, van bloed doortrokken rizoom, dat zijn peesdunne tentakels uitstrekt tot in onze keyboards en ons strottenhoofd en dat lelijk in onze dromen huishoudt. Het is de plek die aan de genotekst ten grondslag ligt en die bijvoorbeeld bij Artaud een bijzonder prominente rol speelt, zo prominent zelfs, dat allerhande glossolalieen die met de chora / genotekst in verband worden gebracht bij hem aan de fenotekst (des)organiseren.


zondag 31 augustus 2025

Wat ik vanmiddag in de tuin las

 

Vanmiddag, de laatste dag van de zomer, zat ik in mijn achtertuin, bank, tuintafel, parasol, vers gemaaid gras onder de voeten, met drie boeken. Eén dichtbundel, een graphic novel / biografie, en een autobiografie. Respectievelijk van een Belg (een Vlaming om precies te zijn), een Amerikaan (ook al is het onderwerp van het boek een Tsjech: Kafka), en een Nederlander: de schilder Peter Klashorst.

Dat ik die dichtbundel, Pornschlegel en andere gedichten (Uitgeverij Atlas, eerste druk, 2000) deze week in de brievenbus kreeg, voor 8 euro, daar was ik erg blij mee. Want de bundel was eerst te duur (ik zag op internet een exemplaar van over de 200 euro), of niet te krijgen: ik had ‘m eerst elders besteld, maar ik kreeg de reactie dat die bundel, helaas, al verkocht was.

Dat ik dat boek van Robert Crumb over hel leven van Franz Kafka, Kafka, las, ik hou nou eenmaal erg van plaatjes kijken. En het is gewoon een erg goed boek. (En denk niet dat ‘iets met plaatjes’ altijd luchtig is. Dat is niet zo).

En het derde boek. De ‘Ik Peter Klashorst’, Kunstkanibaal. Tsja. Als er niet om elke pagina geneukt (de cover geeft het eigenlijk al een beetje weg) zou worden, met Afrikaanse vrouwen, dan had deze schelmenroman geen 384 maar slechts 150 bladzijden geteld (als het niet minder is).