donderdag 13 juli 2017
Peter Griffin!
Je
zat vast in de lift, meer dan een uur. Er zat kauwgom op de alarmknop en de
stem uit de luidspreker klonk niet echt vertrouwd. Er was een kier, op straat zag je niemand.
Tijd zat om te denken. Je arm zat ook nog in het gips, dat jeukte erg. Je moest
dus schrijven met je andere hand. Zwemmen kon je dus deze zomer vergeten. Je
had toen een vriendin, die was gewoon een streepje, ze had een hele snelle
motoriek. Soms wat ongecoördineerd: op het strand liet ze haar haring in het
zand vallen. Je had met haar acrobatiek gedaan. Je was met je fiets over de kop
gegaan: je had thuis de röntgenfoto aan de ruit geplakt. En van de week was er
al twee keer iets omgevallen op de plek waar jij je net nog bevond – spooky. Thuis was je op die ladder
geklommen om die doeken van de muur te halen, je wilde iets nieuws. Maar eerst
moest je die muur opnieuw witten, je weet hoe dat gaat. Je begint met iets
kleins en voordat je het weet staat alles op z’n kop. Er waren buren. Er kwamen
misverstanden, maar je blunderde je er dapper dwars doorheen. Je voelde je onderhand
Peter Griffin - en dat voelde helemaal
niet gek, dat voelde goed!
dinsdag 4 juli 2017
Tuin in de zomer
Er
is die tuin, in het midden van de zomer. Daar op de achtergrond, is die kerk,
veel te groot voor dit gehuchtje. De kerk was als filmdecor gebruikt, dat
begreep je gelijk. Je zag de kerk, je zag de gieters op de begraafplaats
ernaast. Je hoort in je hoofd een psalm. Je ziet de zwartgeklede stoet. Naast
de tafel in de tuin is die hond die wacht tot die bal wordt weggegooid. Je
maakt een schijnbeweging, je gooit, je gooit weer. Op die tafel een gestage
fles wijn en een stapel boeken. Je hoort de buren ruzie maken: geef me godverdomme je pincode! Er wordt
besloten de politie te bellen. Enfin, zij ging weg met de ambulance natuuren hij werd
met de handboeien om afgevoerd. Dag buurman! De hele buurt liep uit. Waar was
je gebleven? We prijzen ons geluk. Je nichtje holt met een fototoestel achter
een vlinder aan. Het is veel te heet om
in de groentetuin hiernaast te werken. Toch gebeurt het, er wordt meloen
geoogst. Het moet af vandaag, de rij moet van het land, denken we sterfelijk.
Tegen de felle zon hebben we lappen om onze hoofden gewikkeld. We spoelen ons
schoon aan de kraan. De avonden hier duren lang. Naast het terras zoemen de
bijen. Het wordt laat. Er moet veel gezegd. Er is dan een schijnsel in de
schemering, alles herhaalt zich vroeg of laat, toch zijn we verrast, je bent de
vogels voor: het blijkt de zonsopgang.
maandag 3 juli 2017
Yevgeni zoekt een nieuw huis
Yevgeni
ga niet wonen bij Cees, Tinus of Jos,
maar
kom wonen bij mij. Bij mij mag je altijd laat naar bed.
Mag
je ’s nachts door donkere gangen dwalen en mag je
schijnen
naar de sterren en de maan met een lantaarn,
ver
van die nette en stijve meneren vandaan.
Als
je gaat wonen bij Tinus, Cees of Jos, moet je
altijd
lezen in oude en stoffige folianten. Moet je altijd
boeken
lezen van dooie meneren en mevrouwen.
En
verhalen horen over dooie koninginnen.
Moet
je altijd spruitjes, witlof en spinazie eten.
Yevgeni,
ga je wonen bij Tinus, Cees of Jos,
dan
zul je nooit mee mogen naar het stadion
van
Kowet. Dan zal je nooit een balletje
trappen,
of
vies worden van het gras in het park.
Yevgeni,
als je gaat wonen bij Cees, Tinus of Jos,
dan
ga je nooit juichen met je handen
in
de lucht of met je shirt over je hoofd
of
een toffe sliding maken. Want foeballe,
daar
halen die heren hun neusjes voor op.
Als
je gaat wonen bij Cees, Tinus of Jos,
dan
zul je nooit beleven hoe het is
om
te hardlopen en trainen in de regen.
Daar
kunnen de broeken, pardon, de pantalons,
van
Cees, Tinus en Jos namelijk niet tegen.
Zij
blijven liever in plooi bij de kachel hangen.
Als
je gaat wonen bij Cees, Tinus of Jos,
dan
beland je in het vacuüm van het Internet.
Je
hebt daar geen bereik. Je hebt er geen blog,
geen
snapchat, je kunt er niet appen,
je
kunt daar niet online gamen – Yevgeni,
bij
Cees, Tinus en Jos ben je
in
een dorre digi Goelag aanbeland.
Als
je gaat wonen bij Cees, Tinus of Jos,
dan
moet je luisteren naar muziek van
dooie
Franse meneren. Alles moet
theatraal
en gedragen. En zeker zonder beats.
Als
je gaat wonen bij Cees, Tinus en Jos,
moet
je altijd saaie kleren dragen,
kun
je geen kritiek verdragen.
Moet
alles bij het oude blijven, want
die
moderne tijd, da’s geen kwaliteit.
Yevgeni,
loop vannacht met mij mee naar de maan.
Ver
van die saaie en dooie meneren vandaan.
dinsdag 27 juni 2017
Dat andere dorp, dat toch hetzelfde is
Mijn
moeder weet dat er een dorp is waar ze ook woont.
Het
is een eindje verderop, haar huis is daar. Aan die
andere
kant, ze gebaart, daar waar het helder is.
Er
is een weg die ik niet zie. Morgen wil ze daar naar toe.
Haar
huis is daar, ja, hier ook wel, het lijkt erop,
hier
staan haar meubels, en er zijn buren
die
ze kent en waarover ze verhaalt, maar dat adres
verderop
wacht op haar. Men weet niet waar ze blijft.
Ze
moet erheen, in haar gedachten is ze er al. Ze kent
het
daar, ze is er al eerder geweest. Haar kinderen
wachten
daar aan tafel. Er moet ergens een
thuiskomst
voor
haar zijn, in dat dorp daar ergens verderop,
dat
ze kent, die straat, waar ook haar huis staat,
daar,
ze wordt verwacht. Ze is die astronaut
die
daar ongrijpbaar zweeft. Dat je dat niet begrijpt.
maandag 26 juni 2017
Hij bleef eenzaam
Op
het industrieterrein had hij ’s nachts een container in brand gestoken, brand
gesticht. Hij
was opgepakt door de politie, het was een dorp, ze kenden hem. Hij verklaarde dat hij zijn daad verricht had uit
eenzaamheid. Hij dronk wel veel al, en hij was getrouwd. Hij had kinderen. Hij
zat vast. Hij dronk veel, hij was getrouwd, hij was eenzaam. Hij was wel vrij
succesvol geweest in zijn ondernemingsdrang. Hij begon dit. Hij begon dat. Maar
dat had geen succesvol vervolg. Hij bleef drinken. Hij bleef eenzaam. Niet lang
daarna ging hij dood. Dus wie schoot hier iets mee op? Bizar gedicht dit,
eigenlijk wel.
zondag 25 juni 2017
Metro
De
metro heeft zijn eigen geur. Is nog niet
gebotteld
verkrijgbaar: L'air du métro.
Door
die lucht raast de metro door het gangenstelsel.
Het
geluid van de wielen op de rails klinkt
als
gehuil, gejuich, gejank. Het zwelt aan
en
sterft weer weg. Het is auditief zo
indringend
dat de impact
zich
in een animatie niet laat voelen.
zaterdag 10 juni 2017
Jij bent nergens meer
Jij
bent er niet meer.
Jij
bent nergens meer.
Overal
waar ik kom ben je er niet.
Jij
bent er niet.
Jij
bent nergens.
Jij
bent overal.
Jij
bent overal nergens.
Abonneren op:
Posts (Atom)